Privétuin in Nazareth, geplant eind jaren 1960
“Toen mijn vader de Ginkgo plantte, was deze oerboom nog niet echt gekend in Vlaanderen. Het was zelfs zo dat er toen een groepje werd gesticht met de weinige Ginkgo-eigenaren.
"Ik groeide als kind op met deze boom en was er altijd door gefascineerd hoe de bladeren goudgeel werden in de herfst. Ik wist vrij snel dat ik fotografe wou worden, dus speelde ik heel veel met het zonlicht en de kleuren van de boom.
"Mijn vader is er jammer genoeg niet meer, maar ik kan nooit naar de boom kijken zonder aan mijn vader te denken. Op die manier leeft hij altijd verder.” - Raïs De Weirdt.
Privétuin in Drapstraat te Nazareth, geplant eind jaren 1960
“Ik woon in het huis dat mijn grootouders, Gustaaf Callier en Alice Vincke, lieten bouwen. Mijn grootvader plantte er begin 1960 een mooie Magnolia. Hij nam hiervoor een stekje van de magnolia uit de tuin van mijn ouders in Lovendegem.
Mijn moeder, Allix, vertelde me dat het een hele kunst is om een stekje van een magnoliaboom te laten groeien. Het stekje moet langs en onder de aarde worden "geleid" en moet het regelmatig water krijgen. Het duurt jaren voor het een heuse magnoliaboom wordt.
Het stekje van onze boom deed het goed in de Nazarethse grond. Het is een wondermooie boom die tweemaal per jaar (lente en najaar) prachtige en lekker geurende roze magnoliabloemen draagt. In de winter hangen er voederhuisjes aan de takken van de boom. De vogels zorgen voor een leuk spektakel om gade te slaan vanuit de keuken.” - Hilde De Kesel