Een valse of onvolledige verklaring kan aanleiding geven tot boetes of gevangenisstraffen, overeenkomstig te bepalingen van het koninklijk besluit van 31 maart 1933 betreffende de verklaringen af te leggen in verband met diverse subsidies, vergoedingen en toelagen die geheel of gedeeltelijk ten laste van de Staat zijn, alsook tot de toepassing van een administratieve sanctie, namelijk de terugbetaling van de verwarmingstoelage voor de kosten van de gebruikte verwarmingsbrandstof.